Acute zorg

Keten acute zorg

Acute zorg is ketenzorg; er zijn (vaak) verschillende zorginstellingen en -professionals betrokken bij een ongeplande zorgvraag. Goede acute zorg is patiëntgericht, veilig, effectief, tijdig, doelmatig en toegankelijk. Binnen Netwerk Acute Zorg Euregio zorgen we er gezamenlijk voor dat de spreiding en beschikbaarheid van acute zorg in Twente en Oost-Achterhoek geborgd blijft.

Er zijn expertgroepen rondom spoedindicaties of aandachtsgebieden opgericht om samen met alle schakels de kwaliteit van zorg binnen de acute zorgketens in de regio te borgen en waar mogelijk te verbeteren. Op deze manier dragen we gezamenlijk zorg voor een optimale afstemming van activiteiten tussen de regionale acute zorgpartners. Door een goede samenwerking tussen ketenpartners ontvangt iedere patiënt met een ongeplande zorgvraag op het juiste moment, de juiste zorg op de juiste plaats.

Expertgroep Acute Verloskunde Expertgroep Acute Psychiatrie Expertgroep CVA Expertgroep Sepsis Expertgroep rAAA Expertgroep ACS

Kwaliteitskader Spoedzorgketen

“Iedere patiënt met een ongeplande zorgvraag ontvangt op het juiste moment op de juiste plaats de juiste zorg”
Het Kwaliteitskader Spoedzorgketen is opgesteld door partijen in de spoedzorg en beschrijft de normen, richtlijnen en aanbevelingen die de kwaliteit van de spoedzorgketen bevorderen.
De overkoepelende ambitie van het kwaliteitskader dat de patiënt 24/7 spoedzorg van goede kwaliteit ontvangt. Dit betekent dat de zorg patiëntgericht, veilig, effectief/doeltreffend, tijdig, efficiënt/doelmatig, en toegankelijk en beschikbaar is.
De partijen in de spoedzorg hebben gezamenlijk voor iedere stap in de keten doelen gesteld. Het kwaliteitskader Spoedzorgketen richt zich op de kwaliteit van de spoedzorg die zorgverleners in ketenverband leveren en beschrijft normen, richtlijnen en aanbevelingen voor de samenwerking van de schakels in de keten die bijdragen aan het behalen van de gezamenlijk opgestelde doelen.

Het kwaliteitskader is gericht op de gewenste minimale kwaliteit van de huisartsenspoedzorg, ambulancezorg, zorg geleverd door de mobiele medische teams (MMT) en de acute ziekenhuiszorg in de keten. Deze keten start vanaf het moment waarop de patiënt zich meldt met zijn acute ofwel ongeplande zorgvraag. De spoedbeleving van de patiënt is daarbij leidend. De keten eindigt als de patiënt niet (meer) aangewezen is op het acute zorgaanbod en weer terug naar huis kan of kan doorstromen naar niet-acute zorg.

Bij de vormgeving van de organisatie van de spoedzorg dient het kwaliteitskader als leidend document met normen waaraan moet worden voldaan. Het kader biedt ruimte en richting om regionaal invulling te geven aan de organisatie van de spoedzorg. Het kader faciliteert en ondersteunt de besluitvorming op ROAZ-niveau.

Begin 2018 is het Kwaliteitskader Spoedzorgketen aangeboden aan ZIN. Een aantal partijen heeft een voorbehoud gemaakt voor een beperkt aantal nieuwe veldnormen met betrekking tot de beschikbaarheid van mensen en middelen op de SEH.

VWS heeft aangegeven voortaan vooraf geïnformeerd te willen worden over het risico op een substantiële budgetoverschrijding. Hierop heeft Zorginstituut geconstateerd dat in het kwaliteitskader Spoedzorgketen onder meer nieuwe personele normen zijn overeengekomen en het kader daarom een toets moet worden op de handhaving door de IGJ en er een budget impact analyse uitgevoerd dient te worden door de NZa. De IGJ heeft geoordeeld dat het kader in zijn huidige presentatie niet (volledig) handhaafbaar is en aangepast dient te worden. NZa  heeft aangegeven dat drie nieuwe veldnormen een risico op meerkosten met zich meebrengen en hier aanvullende gegevens van veld voor nodig zijn. ZIN geeft aan te hopen dat betrokken organisaties zich niet laten weerhouden om te starten met de implementatie van de vele normen die op breed draagvlak kunnen rekenen en waarvan partijen overtuigd zijn dat ze een impuls gaan geven aan het verbeteren van de kwaliteit van de spoedzorg.

Regionale inbreng in de totstandkoming van het kwaliteitskader
Najaar 2016 hebben binnen Netwerk Acute Zorg Euregio twee bijeenkomsten plaatsgevonden waarin zorgprofessionals samen met patiëntvertegenwoordiging en zorgverzekeraar zijn gevraagd om gezamenlijk de route van een patiënt met ingangsklacht ‘pijn op de borst, ’of ‘collaps’ te doorlopen en per processtap vast te stellen wat er in de ideale situatie zou moeten gebeuren, wie daarvoor verantwoordelijk is, wat er minimaal aanwezig moet zijn en met welke snelheid dit zou moeten verlopen om een optimale kwaliteit van zorg te leveren. Landelijk is van de 22 regionaal uitgevoerde patientjourneys een generieke patientjourney gemaakt die als input heeft gediend voor het opstellen van het Kwaliteitskader Spoedzorgketen. De bevindingen uit deze patient journeys vormen samen met de resultaten van desk research naar de beschikbare normen en richtlijnen voor de spoedzorgketen de basis voor het kwaliteitskader.

 

 

Ontwikkelingen aanpak drukte in de acute zorg

Kwetsbare Ouderen
Naar aanleiding van signalen over de drukte in de acute zorg (bijvoorbeeld de vorig jaar gepubliceerde brief van TraumaNet AMC ‘Brandbrief’ over drukke Spoedeisende Hulpen) heeft de minister van VWS het ROAZ het laatste jaar regelmatig gevraagd om een terugkoppeling te geven over de (aanpak) acute zorgketen in de regio en daarbij extra aandacht aan de zorg rondom kwetsbare ouderen.

De ervaren drukte in de acute zorg neemt ook in onze regio toe voornamelijk door een toename van patiënten met multimorbiditeit en kwetsbare ouderen. Vooral de uitstroom van deze  patiënten, die vaak niet zelfredzaam zijn en daardoor intramurale vervolgzorg nodig hebben, gaat niet altijd voortvarend doordat men onvoldoende zicht heeft op welke vervolgzorg voor de patiënt voor handen is. Vooralsnog zijn in onze regio geen problemen in de toegankelijkheid van de acute zorg.  Binnen Netwerk Acute Zorg Euregio hebben we regionaal afgesproken dat de acute zorg altijd toegankelijk moet zijn. Uitgangspunt is dat de regionale ziekenhuizen verantwoordelijk zijn voor de beschikbaarheid van bedden voor spoedopvang en/of opnames. Afzeggen van electieve OK-programma’s kan bijdragen aan deze beschikbaarheid. Capaciteit is namelijk een integraal samenspel van zowel de spoedstroom, het electieve programma alsmede de beschikbare arbeidscapaciteit. Bij  (dreigende) opnamestops communiceren de ziekenhuizen onderling met elkaar conform de regionale procedure communicatie opnamestop.

Regionaal worden voornamelijk  knelpunten ervaren in de doorstroming en/of uitstroming bij ontslag uit de SEH of het ziekenhuis, alsmede direct vanuit de eerste lijn naar passend vervolgzorg – waarbij de patiënt vaak een tijdelijk intramurale zorgvraag heeft. Dit vraagt om afstemming met de organisaties buiten het ROAZ, zoals gemeenten en  verpleging, verzorging, thuiszorg (VVT)

De terugkoppelingen die vanuit onze regio zijn gedaan zijn hier te vinden:

Marktscan Acute Zorg
Op verzoek van VWS heeft de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) een Marktscan acute zorg gemaakt. De Marktscan geeft naast een analyse ook duidelijke handvatten voor acties voor partijen in de acute zorgketen.

De NZa concludeert in de marktscan dat de acute zorg voldoende toegankelijk is, maar dat de druk op de acute zorg wel toeneemt. De toegankelijkheid van de acute zorg als geheel is op dit moment niet in gevaar. Wanneer een patiënt een beroep doet op de acute zorg zijn er uitwijkmogelijkheden bij andere aanbieders van acute zorg. De druk op de acute zorg neemt echter toe, verschilt per regio en kent een piekmoment op doordeweekse middagen. Door betere samenwerking en coördinatie tussen zorgaanbieders kan de druk op het acute zorgnetwerk gelijkmatiger verdeeld worden. De patiënt kan zo tijdig de juiste acute zorg blijven ontvangen. Het afgeven van stops door de SEH, Eerste Harthulp (ehh) of andere spoedentree beperkt de toegankelijkheid lokaal, maar heeft een klein effect op de toegankelijkheid van medisch-specialistische zorg in de regio, omdat er doorgaans voldoende alternatieven zijn bij nabijgelegen ziekenhuizen. De groei in patiëntaantallen verschilt per zorgaanbieder en per regio. Vooral de huisartsenpost  en de spoedeisende ambulancezorg zien meer patiënten. Er zijn geen regio’s waar het aantal patiënten in alle schakels tegelijkertijd groeit. De groeiende druk op de acute zorg heeft vele oorzaken, waarvan er niet één dominant is. Dit komt onder meer door interne factoren, zoals gebrekkige afstemming tussen schakels die leidt tot domino-effecten. Een voorbeeld: als door (te) voorzichtige beoordeling een te hoge urgentie wordt afgegeven, krijgen patiënten sneller en meer specialistische zorg dan ze nodig hebben. En te weinig informatie over de capaciteit van zorg na behandeling of opname in het ziekenhuis bemoeilijkt de uitstroom van SEH/ziekenhuispatiënten. Er zijn ook externe factoren die een rol spelen, bijvoorbeeld het stijgend aantal ouderen met een relatief grote kans om te worden opgenomen in het ziekenhuis en het gebruik van de huisartsenpost in de avond als alternatief voor de huisarts overdag. Patiënten met acute zorgvragen komen daardoor niet automatisch terecht bij de juiste schakel in de acute zorg.

De conclusies leiden tot verbeterpunten voor een effectievere en efficiëntere werking van het acute zorgnetwerk. Hiervoor beveelt de NZa aan om de in-, door- en uitstroom in de acute zorg te bevorderen, zodat de burger kan rekenen op tijdige toegang tot de juiste plek in de acute zorg.

De NZa heeft aanbevelingen in haar rapport opgenomen voor huisartsen, ziekenhuizen, verzekeraars, regionale ambulancevoorzieningen, de ROAZen en aanbieders van EersteLijnsVerblijf (ELV).

In 2018 komt er een update van de markscan

7x24 uur beschikbaarheid van medische gegevens in de acute zorgketen

Haalbaarheidsonderzoek “7×24 uur beschikbaarheid van medische gegevens in de acute zorgketen”
De beschikbaarheid van actuele gegevens van de patiënt tijdens iedere schakel in de acute zorgketen, zowel uit de eerste als tweedelijnszorg, is essentieel en onmisbaar om kwalitatief hoogstaande spoedzorg te kunnen leveren. Het gaat hierbij onder andere om informatie over de voorgeschiedenis, medicatiegebruik en behandelwensen en -beperkingen.

Ook binnen Netwerk Acute Zorg Euregio is één van de gezamenlijke ambities van het bestuurlijk ROAZ dat ten behoeve van de patiënt informatie optimaal gedeeld wordt. Daarom hebben de bestuurders de opdracht gegeven voor een haalbaarheidsonderzoek om 7 x 24 uur te beschikken over relevante medische gegevens in de acute zorgketen.

Dit haalbaarheidsonderzoek heeft Bureau Acute Zorg Euregio samen met IZIT uitgevoerd. Samen met de ketenpartners van de huisartsenzorg, ambulancediensten en ziekenhuizen is in kaart gebracht waar de behoeften en knelpunten in de regio liggen met betrekking tot de beschikbaarheid van medische gegevens ten behoeve van de acute zorgverlening.

Zowel op nationaal als regionaal niveau zijn er knelpunten op het gebied van beschikbaarheid van medische gegevens in de acute zorgketen. De ambulancediensten zijn bijvoorbeeld niet aangesloten op het Landelijk Schakelpunt (LSP) en hebben daardoor geen actueel overzicht van de medicatie- en intoleranties, contra-indicaties en allergiegegevens (ICA’s) van de patiënt. Verder vinden veel overdrachten tussen acute zorgverleners mondeling of op papier plaats. Overdrachtsgegevens moeten vervolgens handmatig in het eigen informatiesysteem worden gezet. Dit kost tijd en is foutgevoelig.

Naar aanleiding van de wensen van de zorgprofessionals en het programma van eisen, zijn meerdere oplossingen in kaart gebracht. Deze verschillende oplossingen zijn besproken met de ketenpartners de voorkeur werd uitgesproken om ten behoeve van de acute zorgverlening regionaal prioriteit te geven aan het breder beschikbaar stellen van medische gegevens via het LSP. Het niet beschikken over relevante medische gegevens die wel elders beschikbaar zijn in de keten, wordt namelijk als grootste knelpunt gezien.

In samenspraak met VZVZ (Vereniging van Zorgaanbieders voor Zorgcommunicatie, verantwoordelijk voor de uitwisseling van gegevens via het LSP) wordt het breder beschikbaar stellen van gegevens via het LSP getest in een pilot. Concreet houdt dit in dat in een acute zorgsituatie ambulanceverpleegkundigen in de regio inzage krijgen in medicatie- en ICA-gegevens. De implementatie hiervan is eind 2017 gestart.

Naar aanleiding van dit onderzoek zijn inmiddels ook gesprekken tussen VZVZ en Mediant gestart over aansluiting op het LSP ten behoeve van de crisisdienst en de verwachting is dat zij in 2018 aan zullen sluiten.

Personen met verward gedrag

Elk jaar stijgen het aantal meldingen gerelateerd aan verwarde personen, de zogeheten E33-meldingen, fors. In Twente was er een stijging van 837 meldingen in 2011 tot 2023 meldingen in 2016 (241%).

Op 1 oktober 2018 moeten in opdracht van ministerie VWS, ministerie V&J en VNG  alle gemeenten en regio’s beschikken over een goed werkend systeem voor de ondersteuning van mensen met verward gedrag. Om een goede sluitende aanpak voor deze doelgroep te ontwikkelen gaat heter om dat regionaal een goed werkende vierhoek ontstaat, waarin veiligheid (vanuit burgemeesters, politie en OM) en zorg (vanuit de wethouder en (acute) zorgketenpartners) geborgd is.

Parallel aan het traject onder regie van gemeenten om tot een sluitende aanpak te komen is door VWS een bestuurlijk overleg met partijen in de zorg afgesproken dat het (bureau van het) Regionaal Overleg Acute Zorgketen (ROAZ) de regionale trekkersrol krijgt om te komen tot afspraken over het vervoer van personen met verward gedrag in de regio. Het bureau wordt ondersteund en stemt hierbij af met de regionale projectleiders personen met verward gedrag aangesteld door het schakelteam. Bij deze overleggen zijn gemeenten, zorgaanbieders GGZ, regionale ambulancevoorzieningen, zorgverzekeraars en politie betrokken.

Binnen Netwerk Acute Zorg Euregio ontwikkelen en evalueren acute zorgpartners werkwijzen en afspraken voor de acute zorgketens waaronder acute psychiatrie en de spoedeisende somatiek (medische problematiek). Voor de acute psychiatrie-keten sluiten daar ook politie en verslavingsinstelling aan.

Ten aanzien van de acute zorg bij personen met verward gedrag is het belangrijk dat er gekeken wordt naar hoe de bouwstenen onder regie van gemeenten worden/zijn uitgewerkt om ervoor te zorgen dat beleid aansluit op de rest van de schakels.

Een integrale benadering is noodzakelijk, want bij een melding van verwardheid is niet bekend of het gaat om een verwarde burger, een patiënt met acute GGZ-problemen of een patiënt die door een onderliggend medisch probleem (bijv. door een laag bloedsuiker) verward is.

Om de gemeenten hierbij te ondersteunen hebben de Twentse ketenpartners gezamenlijk een instrument ontwikkeld; Street-triage Twente. Met het project Street-triage Twente wensen de Politie, GGZ-instellingen Mediant en Dimence en Ambulance Oost verder te gaan met het organiseren van een sluitende keten voor personen met verward gedrag. Het project richt zich op het oplossen van knelpunten onder de bouwstenen van acute melding tot passende vervolgzorg.

Documentatie

Download
Kwaliteitskader Spoedzorgketen
Acute Zorg

Contactpersoon

Jorien Pierik
Beleidsadviseur Acute Zorg
Bureau Acute Zorg Euregio

j.pierik@acutezorgeuregio.nl
053-487 2093

  • Contactpersoon netwerkfunctie
  • Contactpersoon Expertgroepen Acute Verloskunde, Acute Psychiatrie, CVA, ACS, Sepsis, rAAA
  • Contactpersoon aanpak ouderenzorg
  • Contactpersoon aanpak personen met verward gedrag